5. Boem is ho (25-03-2002)

Weest gerust, ons mankeert niets. Alleen de Dutch Jumbo heeft aan de rechterzijkant flinke schade. En dat opgelopen terwijl we netjes langs de stoeprand geparkeerd stonden. Het komt zo. In Hamilton wilden we naar het postkantoor. Dus geparkeerd tegenover de VVV om te vragen waar het postkantoor was. We waren net uitgestapt en liepen nog naast de wagen toen we een enorme klap en glasgerinkel hoorden. We snapten er niets van. Ik dacht eerst dat er misschien een ruit gesprongen was, Ageeth dacht dat iemand een baksteen door de ramen had gegooid. Maar toen we omliepen was er een Toyota Camry in de zijkant geparkeerd. In de auto een oudere man die helemaal versuft leek. Wel duidelijk dat hij onwel geworden was. Hij was van de andere kant van de weg gekomen, was dwarsover gesukkeld, gelukkig dat er geen tegenliggers kwamen terwijl het wel een drukke weg was, en tegen de DJ geŽindigd. Hadden we er niet gestaan, dan was hij een winkel binnengereden of had een paar voetgangers geschept.

Er was snel een ambulance en ook de politie, twee man sterk. Toen begon het grote geregel. Aan de zijkant moeten verschillende panelen vervangen worden. Die moeten van Swagman komen en de enige vestiging van Swagman is ergens bij Brisbane. Dan moet er hier in de buurt iemand worden gevonden die de panelen/luiken op maat maakt en monteert en daarna moet er een autospuiter aan de gang. Dus dat wordt de komende dagen heel wat bellen. We zijn eerst achter de bergingsauto die de Toyota wegsleepte aangereden. Bij dat bedrijf is wat meer ruimte rond de achterwielen gemaakt zodat we kunnen blijven rijden. Ook het slot van de deur waar de gasflessen achter zitten was geblokkeerd. Ook dat hebben ze daar weer gefikst. Gelukkig maar want we waren aan de laatste gasfles (van de drie) bezig.




Later beleefden we nog wat, je gelooft het bijna niet. Hamilton is voor Australische begrippen een grote plaats. Gele taxi's, parkeermeters, een eigen ziekenhuis. Bij Peter Feenstra, een Nederlander die aan de andere kant van Melbourne woont, hadden we mensen ontmoet uit Hamilton. En die hadden gezegd dat we langs moesten komen als we in de buurt waren. Dus wij op zoek. In een buitenwijk vonden we hun huis en de buren zeiden dat ze over een kwartiertje wel thuis zouden komen. Dat was ook zo, althans wat hem betreft, zij was naar haar zus gereden die op bevallen stond. Terwijl ik met hem bij de wagen over de schade stond te praten kwam er een voor mij onbekende buurman bij staan. ,,Oh, ziet het er zo uit, dat is vanmiddag daar en daar gebeurd, hŤ"", zei hij. Ik vroeg of hij erbij was geweest. ,,Nee, ik werk bij de politie, ik zat op het bureau en heb de melding verwerkt.'' Over toeval gesproken. Maar het wordt nog sterker.
Aan het eind van de dag zijn we doorgereden naar Cavendish, zo'n 25 kilometer van Hamilton. Klein plaatsje met een heel rustig parkeerterreintje bij een wc-gebouwtje. Dus ook water bij de hand, wat wil een mens nog meer. En, vlakbij, een winkel waar je gasflessen kan laten vullen. Dus ik erheen, we waren immers aan de laatste bezig. De man in de winkel liep mee naar buiten en vroeg langs zijn neus weg of we alles al georganiseerd hadden om de schade te regelen. Ik keek hem nog eens aan en toen zei hij: ,,Ik was een van de politiemensen die vanmiddag bij jullie waren. Mijn vrouw en dochter hebben deze winkel en als zij eten, spring ik even in.'' Ik had met zijn collega gesproken, vandaar dat ik hem niet herkende. Maar zoiets geloof je toch niet. Eerst in een buitenwijk van de stad iemand die er alles van af weet en dan 25 kilometer verderop iemand die er bij was. En alleen omdat we toevallig die kant op reden en toevallig net gas nodig hadden.