22. Kerstmis onder de sterrenhemel (31-08-2003)

Deze update is laat. Knap laat, kan ik wel zeggen. Ik had me voorgenomen direct bij aankomst in Nederland ons 'maandverslag' te schrijven. Maar het kwam er niet van. Omdat we, net als vorig jaar, in de zes weken dat we in Nederland zijn, zo veel te doen hebben. Zo veel te doen willen hebben ook, want we zijn uiteraard benieuwd wat er in 'ons stadje' Enkhuizen is gebeurd. En hoe het met die is. En met die. En hoe die het maakt.
Maar bij deze alsnog een beknopt verslag van de laatste weken in AustraliŽ, voorafgaande aan onze 'holiday in Holland'.

Die laatste weken speelden zich af in en om Mareeba, ter hoogte van Cairns en net aan de andere kant van de Great Dividing Range, de bergrug die langs een groot deel van de Australische oostkust loopt.
We kwamen naar Mareeba om twee redenen. De eerste was de jaarlijkse rodeo, een van de grootste in AustraliŽ en de tweede was Christmas in July. Jawel, kerstmis in juli. Omdat menigeen denkt te weten wat een rodeo is en weinigen het fenomeen van een kerstdiner onder de sterren op een tropische winteravond aan den lijve hebben ervaren beginnen we daar maar mee. Ooit, we hebben geen onderzoek gedaan naar wanneer dat ooit was, vond een aantal Engelse emigranten dat kerstmis op een wit strand onder de brandende zon aan een azuurblauwe zee maar niets was. Bij kerstmis hoort een houtvuur, dikke truien en als het kan een flink pak sneeuw. Waar ze dat laatste vandaan hadden is niet bekend, want een witte kerst in Engeland is waarschijnlijk nog zeldzamer dan in ons kikker- en kaaskoppenlandje.
En dus bedachten ze Christmas in July. Want in juli wordt er in de Snowy Mountains in New South Wales en in de Victorian Alps in, jawel, Victoria, volop geskied op dikke pakken sneeuw. Het idee sloeg aan en inmiddels wordt op vele plaatsen in AustraliŽ twee keer per jaar kerstmis gevierd, in december en in juli.
In Mareeba organiseert de regionale afdeling van de Australische kampeerautoclub al een aantal jaren Christmas in July. En elk jaar is de opkomst groter. Dit jaar meldden zich ruim driehonderd campers en motorhomes. Met gemiddeld 1,75 personen aan boord want de 'solo's' waren flink vertegenwoordigd. Zodat op 'kerstavond' ruim vijfhonderd mensen, waaronder vier Nieuwzeelanders en twee 'Dutchies' aanzaten aan het diner. Dat de temperatuur in de buurt van Cairns ook op winteravonden niet gauw beneden de vijftien graden komt kon de pret niet drukken. Sterker nog, het zorgde er voor dat er tot heel laat onder de sterrenhemel kon worden gedanst. En dat is nog altijd de beste manier om de effecten van zwaar tafelen te elimineren.

Ons eerste weekend in Mareeba stond zoals gezegd in het teken van de rodeo. Aan die (onze eerste) rodeo heb ik een heel dubbel gevoel overgehouden. Aan de ene kant is er het wereldje van stoere mannen die bijna hun leven maar in elk geval hun ledematen riskeren bij het rijden op wild bokkende stieren en paarden, aan de andere kant weet je dat die stieren en paarden alleen maar zo tekeer gaan omdat er een leren riem om het achterlijf gesnoerd is. En om van die beknelling af te komen, wringen de beesten zich in allerhande bochten. Dus eigenlijk is het een vorm van dierenmishandeling. En toch moet je bewondering hebben voor de mannen die als aan de rug van stier of paard gekleefd lijken te zitten. Totdat ze de strijd verliezen en vlak naast of onder de poten terechtkomen. Dat laatste gebeurde regelmatig. De drie! ambulances die het hele weekend vlak naast de ring stand-by stonden waren dan ook geen overbodige luxe.

Tussen de bedrijven door verkenden we de Atherton Tablelands. Een deel van AustraliŽ waar ze van grote droogtes geen last hebben en ook nu watervallen nog watervallen zijn en waar in gemiddelde jaren vier meter water valt. Vier meter zoet water dat met een rotgang kolkend de oceaan in stroomt terwijl een paar honderd kilometer verder in het binnenland de koeien van droogte omkomen.
Je snapt niet dat ze er niets aan doen, aan die verspilling van kostbaar regenwater Honderd jaar geleden werd de pijpleiding van Perth naar Kalgoorlie over een afstand van 600 kilometer aangelegd. Zo'n project is sindsdien nergens in AustraliŽ meer uitgevoerd. Zodat niet alleen vanaf de Atherton Tablelands maar ook in het Northern Territory jaarlijks miljoenen en miljoenen kubieke meters water de oceanen in stromen. Ook langs de spoorlijn-in-aanleg tussen Alice Springs en Darwin is niet en passant een flinke buis gelegd met onderweg een aantal pompen. Het lijkt zo voor de hand liggend, zo logisch.
Laatst hoorden we dat AustraliŽ niet is vertegenwoordigd in een wereldwijde organisatie die zich bezighoudt met de ontwikkelingen rond ontziltingsinstallaties. Terwijl die techniek all over the world wordt toegepast in woestijnlanden die aan zeeŽn grenzen. Nu het water AustraliŽ tot de lippen is gestegen vanwege de droogte komt de discussie over betere waterbeheersing, in de krant althans, op gang. Beter te laat dan nooit, lijkt het.

Over de Atherton Tablelands in een volgende update nog wat meer, want we komen er na terugkeer in AustraliŽ nog een keer. Samen met 'de meiden', onze dochters Mascha en Sandra. Met hen maken we van half september tot half oktober de tocht van Cairns naar Brisbane.


Christmas in July Mareeba © Willem de Niet
Kerstster in juli © Willem de Niet
Showkoeien Mareeba © Willem de Niet
Rodeo Mareeba © Willem de Niet
Granite Gorge © Ageeth de Niet
Milla Milla Falls © anonymus


Net als op de heenweg maakten we op de terugreis een stopover op Bali. We regelden bij een boekingskantoortje op het vliegveld een hotel (Pelangi Bali in Semanyak, iets ten noorden van Kuta). Je kunt op Bali overigens prima 'last-minute' een hotel boeken. De vriendelijke mevrouw van het boekingskantoor kan zoeken op plaats, prijs, ligging en natuurlijk op de allerlaatste speciale aanbiedingen. Wij hadden via het internet al een voorlopige keuze gemaakt en een 'speciale prijs' gezien.
Maar eenmaal op Bali wilde het hotel meer hebben voor dezelfde kamer. Totdat we meldden dat we al met ze hadden gemaild en dat we alle mails nog in de laptop hadden. Nou, als we die konden laten zien moesten we maar komen en de correspondentie laten zien. Dus het eerste wat we deden toen we de hal binnen kwamen was de laptop opstarten op de balie. 'Kijk, onze mail aan jullie, jullie mail terug, onze tweede mail met een paar vragen en nog een keer een antwoord. En kijk daar, de speciale prijs.' Toen was de vriendelijke receptionist overtuigd.

Op het vliegveld boek je overigens simpel een taxi waarbij je niet over de prijs hoeft te onderhandelen. Er is een kantoortje, er hangt een uitgebreide prijslijst, je rekent er af en wordt naar een taxi begeleid. Daarna zul je elke keer als je ja zegt op de vraag: 'Transport boss, transport?', toch even in de clinch moeten. Om zo een voor beide partijen goede deal te sluiten. En niet onder het motto 'Good for you, good for me', zoals een chauffeur het vorige keer probeerde toen hij in eerste instantie een prijs vroeg waarvoor we de rit drie keer konden maken. En nog even dit over een taxi, als je voor de rit van het hotel terug naar het vliegveld net zo veel wilt betalen als op de heenweg, loop dan even het hotel uit en regel zelf een taxi. Want bij de uiterst vriendelijke regelaar achter de servicedesk in het hotel betaal je toch weer een flinke toeslag.

In de twee dagen Bali hebben we veel geleerd voor een volgende keer, zo die er mocht komen. Onder meer dat het beter is ter plekke een auto te huren en excursies te boeken. Dezelfde excursie waarvoor in de reisgidsen 46 US dollar wordt gevraagd boek je op het eiland voor 175.000 roepia (toen wij er waren was dat nog geen 20 euro). Zelf het eiland verkennen met een huurauto is prima te doen voor wie niet te benauwd is om tussen de duizenden brommertjes door te laveren. Die scheuren je voorbij, rechts en links, komen je aan jouw kant van de weg tegemoet en piekeren er meestal niet over om richting aan te geven. In de stad word je er een beetje gek van maar als je niet te hard rijdt gaat het allemaal best en is het een hele ervaring. Auto's huren (vraag wel even naar een verzekering want ze verhuren rustig voor een bodemprijs, zonder verzekering) en excursies boeken kan bij een van de tientallen, zo niet honderden, bedrijfjes die knokken om een stukje van de markt.


Onze Jimny op Bali © Willem de Niet
Olifanten park Bali © Willem de Niet
Olifanten park Bali © Willem de Niet
Kratermeer Mt Batur Bali © Willem de Niet
Rijstterrassen Bali © Willem de Niet
Ons hotel op Bali © Ageeth de Niet


Op Bali is het aantal bezoekers nog altijd veel lager dan voor de bomaanslag. Maar het aantal mensen dat leeft van de toeristen is natuurlijk nog net zo groot of zelfs groter dan voorheen. En dat betekent dat ze allemaal nog meer hun best doen om hun waren of diensten aan de man te brengen. Af en toe is het verschrikkelijk irritant. De enige strategie die het gros van de neringdoenden heeft is 'de aanhouder wint'. En dus zijn ze hardnekkiger dan Australische vliegen. Spullen worden in je hand gestopt (en je durft een mooie uit hout gesneden olifant ook niet te laten vallen), door het open autoraampje naar binnen gegooid (en ze weten dat je toch niet wegrijdt, ook al dreig je ermee) of bij bosjes aangeboden (zoals pennen en potloden). Nee, het was af en toe geen pretje om ergens op een mooi plekje te stoppen om even een foto te maken. Het gekke is ook, als je komt aanrijden bij de rijstterassen of een vulkaanmeer zie je eerst niemand die enige interesse in je lijkt te hebben. Ja, er zitten een paar mannen, vrouwen en kinderen langs het water of onder een boom, maar die lijken verzonken in diepe rust. Totdat je stilstaat en uitstapt. Dan ben je ineens hun prooi. Tja, als ze een ontvangstcomitť hadden gevormd waren we misschien wel zachtjes doorgereden. En dat weten ze natuurlijk.

Natuurlijk hebben we souvenirs gekocht. En in sommige gevallen het spelletje 'afdingen' gespeeld. Soms is dat leuk, zoals bij de gehaaide riemenverkopers 'look boss, nice belt boss, special price for you boss' die uiteindelijk maar al te graag een paar riemen wilden verkopen voor een derde van de prijs die ze in eerste instantie noemden. Soms is het niet leuk, als je je achteraf realiseert over welke kleine bedragen je het hebt. Want bij een kleine 10.000 roepia voor een euro lijken bedragen al gauw groot. En dus betaalden we voor andere dingen gewoon de prijs of vroegen we netjes of, als we er twee kochten, er iets van de prijs af kon. Bewondering hadden we voor de jonge lijstenmaker die zei dat zijn prijzen vaste prijzen waren en niet zwichtte. Dus kochten we ze voor de 'volle mep'.
En hoe irritant ook, als je bedenkt dat voor al die kleine zelfstandigen de enige bron van inkomsten de stroom toeristen is en dat die stroom fors is ingedamd, snap je wel iets van hun gedrevenheid. Ze moeten wel. Wat dat betreft is het te hopen dat er ooit weer zo veel toeristen naar Bali komen dat er tegenover elke vijf toeristen ťťn vlieger-, sarong-, horloge-, olifanten-, riemen- of hoedjesverkoper is. En niet zoals nu, andersom. Dan wordt het weer echt genieten op het prachtige eiland met de vriendelijke mensen. Want dat Bali mooi is, hoeven we hier niet uit te leggen. Toch?

Na Bali volgde de lange vlucht naar Amsterdam via Jakarta. Het was dit keer minder afzien omdat we drie, respectievelijk vier stoelen voor onszelf hadden. En dus een heerlijke tuk hebben gedaan. We zijn benieuwd hoe het op de terugreis gaat, via Hongkong. Hoewel, terugreis, in oktober 2001 was de terugreis nog de heenreis. Maar toen stond ons rijdende huis daar ook nog niet op ons te wachten.
Wat dat rijdende huis betreft, onze Dutch Jumbo, we moeten er niet aan denken er afscheid van te nemen. Vandaar dat we blij waren dat de aardige mevrouw bij de Australische ambassade er weer zo'n fijn 'long-term-multiple-entry' visum in plakte. Zodat we weer een jaar onder de pannen zijn.
Een jaar waarin we eerst de meiden laten proeven van AustraliŽ, vervolgens een heel aantal 'oude bekenden en goede vrienden gaan opzoeken, dan naar Nieuw Zeeland gaan en danÖ Tja, ooit zullen we toch afscheid moeten nemen van ons tweede thuisland.