13. Kerry en Helen Littlefair, Pemberton (WA)

Als je, zoals wij, zo 's middags tegen half vier begint uit te kijken naar een plekje voor de nacht is het elke keer toch weer een verrassing waar je terecht komt. Zo ook in Pemberton waar we op een zondagmiddag naartoe reden via de toeristische route 259. Het was vakantietijd, egaal grijsbewolkt dus je zou verwachten dat er nog wat dagjesmensen op pad waren. Nou, niet dus. We hadden route 259 helemaal voor ons alleen. Onderweg schatten we het al eens in: net voor Pemberton een roestige spoorlijn uit de tijd dat hier de bossen nog volop werden gekapt en er geen fatsoenlijke wegen waren. Langs spoorlijnen lopen vrijwel altijd weggetjes. Hier ook dus het zou kunnen. Nog even verder kijken. Even verder een flinke inham in het bos naast de weg. Mooi vlak. Onthouden. We gingen trouwens redelijk op zeker, want van de website van de CMCA hadden we een plekje aan de rand van Pemberton uitgezocht. Op het parkeerterrein van de golfclub. Met toiletten en een kraan met slang er al aan. En dat hebben we graag. Een toilet en water. Zodat onze eigen toiletcassette niet te snel vol is en de watertank bijgevuld kan worden. Dan de wasmachine ook weer draaien.

Nou is wassen, en vooral het ophangen van de was wel een heikel punt. Niet als je twee handdoeken buiten hangt, maar wel als er een lijn van een meter of tien gespannen moet worden. Dat doe je niet op een gemeentelijk parkeerterrein, in een stadspark of op het parkeerterrein van de golfclub. Dat is een soort ongeschreven wet. Het maakt ook te duidelijk dat je kampeert, terwijl een aantal van de plekken waar wij staan typisch bedoeld zijn voor een 'overnight stop'.

Dus na een nachtje golfclub reden we de plaats even uit naar de inham in het bos die we op de heenweg hadden gezien. Daar kon gewassen worden. Toen de machine draaide verkenden we 'de buurt'. Er liep een kronkelend zandweggetje het bos in, een heuvel op. Weinig bandensporen en ze leken niet recent. Ook dat is iets waar we op letten. Veel scherp afgetekende bandensporen betekent dat er leven is achter het groen en de kans dus groot is dat er af en toe een auto langs komt stuiven. Want dat kunnen ze, de AustraliŽrs, langs komen stuiven, letterlijk en figuurlijk.
Maar goed, we liepen het weggetje op en achter de bosrand van een paar honderd meter bleek weiland, paddocks zeggen ze hier, te liggen. En in de verte een boerderijtje. Paar paarden, tientallen koeien, zwarte kaketoes in de bomen en parelhoenders op de grond. Het waren waakparelhoenders. Tjonge, wat gingen ze tekeer toen we langs het hek liepen. Verder geen leven op het erf. We gingen terug, Ageeth hing de inmiddels uitgedraaide was op en we installeerden ons met een boek in de luie stoel.

Na een half uur draaide een auto het pad in. De bestuurster keek verbaasd, stak kort een hand op en stoof het pad op. Eigenlijk een beetje gek, dachten we, gewend als we waren dat elke AustraliŽr/Australische even een praatje maakt. Vraagt hoe het is, waar je vandaan komt, waar je naartoe gaat en wenst je verder een goede dag en reis. Dat is het standaardpatroon van de korte uitvoering.
Eind van de middag kwam er een andere auto uit het bos. Man en vrouw er in, keken even, draaiden de weg op en weg waren ze. Hm, zouden ze het maar niks vinden dat we hier staan, vroeg ik me af.
Twee uur later, tijdens de hier erg korte schemering, kwamen ze terug. En reden de auto van het pad af tot naast de deur. Toen moest het komen, of: 'hoe gaat, waar kom je vandaan en waar ga je heen' of: 'jullie staan op ons terrein en hoe lang denken jullie nog te blijven staan?'


Helen Littlefair ©Willem de Niet
Helen Littlefair met de paarden en een van de honden


Het eerste was het geval. Helen en Kerry Littlefair, want zo heetten ze vonden het prima dat we er stonden. Hartstikke leuk. En of we morgen even een bakje kwamen doen. Of kwamen ontbijten, we moesten maar zien. Ja, ze wilden wel graag even binnen kijken als dat mocht. Dus gingen we op de koffie, de volgende dag. En na de koffie terug met verse aardappelen, komkommers, aubergines, perziken en abrikozen.
We kwamen er achter dat Helen schildert en tekent, dat ze paarden 'heropvoedt', ze als vrijwilligster warme maaltijden rondbrengt en op verzoek ook je ruggengraat even in fatsoen drukt. Dat laatste kan Kerry ook en hij is behalve boer ook nog coŲrdinerend officier bij de (bos)brandweer. Hun verstopte boerderijtje midden tussen golvende weilanden waarop zo'n zestig vleeskoeien grazen. En omdat in dit deel van AustraliŽ genoeg regen valt, heeft Kerry een aantal vijvers gegraven waarin hij zoetwaterkreeftjes kweekt.


Kerry Littlefair ©Willem de Niet
Kerry Littlefair: boer, brandweerman en bouwvakker


Kerry was bezig met een flinke uitbreiding van het huis, een zestig jaar oude homestead van hardhout en golfplaat. Hij bouwt stukje bij beetje, samen met een vriend en een zwager die in het weekend helpen. Zaterdagmorgen besloot ik te gaan kijken of ze nog een Hollands hulpje konden gebruiken. Nou, ze waren er heel eerlijk in. Niks 'nee, bedankt, we redden het wel' maar 'ja graag, we kunnen best een paar extra handen gebruiken'.
Dus trok ik een werkklofje aan, stopte de klauwhamer tussen de riem en een rolmaat in de broekzak. Het was een kolfje naar mijn hand. Lekker bouwen met hout. Eerst waren ze verbaasd dat die ex-journalist uit Nederland zo aardig met hamer en zaag overweg kon en snel door had hoe het in elkaar stak. Maar toen ik vertelde dat ik in een vorig leven twintig jaar 'in de bouw had gezeten' werd ik prompt gebombardeerd tot 'building supervisor' en moest ik mijn mening geven over wat ze tot dat moment hadden bereikt.
Het werd een lekker dagje klussen.

Aan het eind van de dag dronken we een biertje op de vorderingen, toegezongen en -gekrijst door kaketoes en papegaaien. Natuurlijk moesten we blijven eten. En als Ageeth nog meer te wassen had, kon ze dat wel in Helen's machine doen en als we de wagen naast het huis wilden zetten konden we blijven staan zo lang we wilden. Het is dat we nog een beetje een planning hebben, anders had ik nog wel een maandje willen klussen aan het kleine huis op de prairie.