26. Scavenger Jack, Morgan, (SA)

Het is al weer even geleden dat we scavenger Jack tegenkwamen. Jawel, hij stelde zich zelf zo voor: 'Hello, how are you, I'm Jack, scavenger Jack'. Het gebeurde op een rest-area in Zuid AustraliŽ waar we een kopje koffie dronken. Een uur eerder waren we vertrokken uit het Morgan Conservation Reserve, aan de oever van de Murray River. Een plekje vlakbij een billabong met honderden watervogels, hele oude gumtrees, een groepje verwilderde schapen met onafgebonden en dus hele lange staarten en de wol van hun hele leven nog om zich heen. Maar, net als vrijwel overal, lijkt het allemaal mooier dan het is. Want er komen ook op dit soort idyllische plekjes soms mensen van het slag dat de man een paar sixpacks bier leegdrinkt rond een kampvuur en de glazen dan wel aluminium verpakking in de bosjes gooit.

Nou zijn we, ook al weer een hele tijd geleden, enthousiast gemaakt om mee te doen aan de actie KESAB, Keep South-Australia Beautiful. Net als zo veel leden van de Australische kampeerautoclub die worden opgeroepen om 'the right thing' te doen. En dat is, een plekje waar je in alle rust en vrijheid een tijdje staat, wandelt en zit te genieten, schoner achter te laten dan je het hebt aangetroffen.
En dat doen we dus: als dank voor het aangenaam verpozen verwijderen we de blikjes en de dozen. En in het Morgan Conservation Reserve had ik binnen de kortste keren vijf supermarktzakken vol blikjes en flessen verzameld. Te veel om mee te nemen en dus besloot ik ze in een dode boom te hangen en in de eerstvolgende plaats iemand te waarschuwen. Van de gemeente of de National Parks. Die zijn altijd blij met opruimers.

Toen we na een paar dagen weer op pad gingen en een tijdje onderweg waren, zagen we een auto in de berm staan. Een oude afgeragde stationcar waarvan alle ramen en de achterklep open stonden. Nou leek er in geen velden of wegen iemand te zien, dus we remden een beetje bij. En zagen een man in het struikgewas struinen. Hij zwaaide even en dook weer met het hoofd in de bush. Even later haalde hij ons bijna in maar dook hij net achter ons de berm weer in. We lieten het voor wat het was. Dachten dat het misschien een boer was die zijn hek controleerde.


Morgan Conservation Reserve ©Willem de Niet

De zakken met flesjes en blikjes die scavenger Jack zo uit de boom kon plukken


Bij de volgende rest-area besloten we koffie te drinken. Het was elf uur en we waren al weer een uur op weg. Toen we net stonden, reed de stationcar de rest-area binnen en stopte een heel stuk achter ons. Met de achterklep (nog) dicht maar alle ramen nog steeds open. In de achteruitkijkspiegel konden we zien wat er gebeurde. De man stapte uit, keek rond, raapte wat op, gooide het door het linker achterraam. Pakte weer iets op, wat via het linker voorraam naar binnen ging. En alles in hoog tempo, alsof het aangenomen werk was. We keken elkaar eens aan en dachten er het onze van. Even later verkaste Jack, want die was het natuurlijk, en zette de wagen schuin voor ons neer. En toen konden we zien wat er gebeurde. Jack ruimde de rommel op. En had zijn eigen scheidingsdepot. Flesjes door het linker achterraam, blikjes door het linker voorraam, oude lappen door het rechter achterraam en karton in de achterklep. Ik vond dat ik het toch maar van dichterbij moest gaan bekijken. En toen stelde Jack zich dus voor: 'Hello, how are you, I'm Jack, scavenger Jack'.

Jack is lid van een gilde dat sterk vertegenwoordigd is in Zuid-AustraliŽ. Omdat het daar de moeite is om te scavengen. Oh ja, voor wie het woordenboek er nog niet heeft bijgepakt, in onze Kramer's staat achter scavenger: straatveger, aaskever. Jack was geen van beide. Achter scavengen staat: bij de reinigingsdienst werken. Dat deed Jack ook niet, hij is een eenmans-reinigingsdienst.
En hij vertelde dat hij 'moest scavengen'. Vanwege iets van binnen dat hem dat zei. Omdat de natuur er beter uitziet zonder alle rotzooi. En vanwege de opbrengst, want in Zuid AustraliŽ brengen blikjes en flessen nog iets op. Nergens anders dan in Zuid AustraliŽ. Drie eurocent voor een blikje of een bier- of limonadefles(je). Die drie eurocent krijg je niet bij de supermarkt of de bottleshop terug, maar bij een inzameldepot, meestal erg buitenaf op een industrieterrein. De gemiddelde consument betaalt daardoor meer aan benzine dan dat hij aan statiegeld terugkrijgt. Vandaar dat er ook in Zuid AustraliŽ nog zo veel statiegeld ligt te slingeren. Alleen voor wie het 'groot' aanpakt, zoals de mannen die in het centrum van Adelaide de afvalbakken afstruinen of mensen als Jack die de wegbermen als jachtterrein hebben, valt er een paar dollar te verdienen.

Maar dit keer had Jack een buitenkansje. Ik vertelde hem over de vijf zakken met zeker 150 blikjes en flesjes in de dode boom in het Morgan Conservation Reserve. Hij reageerde alsof ik hem zojuist had verteld dat hij de jackpot in de lotto had gewonnen. Hij zou er per omgaande heen rijden. Want wij hadden er in drie dagen niemand gezien, dat maakte volgens Jack de kans alleen maar groter dat er juist wel iemand komt. Volgens de wet van de waarschijnlijkheid of zo, voegde hij er aan toe. Want Jack, ergens tussen de 45 en 60 (de kapper had al maanden niets aan hem verdiend) was bepaald geen domme man. Had als beroeps in het leger gediend, veel van de wereld gezien maar was op een gegeven moment een andere weg ingeslagen. Op de vraag of hij in zijn stationcar leefde zei hij: 'Oh nee, daar verderop heb ik nog honderd acres (40 hectare) grond en een paar honderd schapen. Maar met al de droogte die we al jaren hebben levert dat ook weinig op. En dus blijf ik maar scavengen. Ik moet weer door, er is nog meer te doen. En nogmaals bedankt, ik ga ze gelijk halen. Als ik rijk was zou ik je een biertje aanbieden. Maar ik ben nu eenmaal niet rijk. Een hele goede reis nog verder. Enne, no, please, no picture.' En daar ging hij, tussen de blikjes, de flessen, de vodden en het karton. Met alle ramen open.