36. Keith Ridout, Tubbut (Vic)

We zijn op onze reizen door AustraliŽ al veel 'krasse knarren' tegengekomen. Half januari in Tubbut, aan een smalle slingerende weg in het oostelijk deel van de Victorian Alps ontmoeten we er weer eens een. Als we Tubbut in- en gelijk weer uitrijden zien we nog net de enorme rode bus vol opschriften met als grootste 'mobile library'. Zoals gezegd, je bent Tubbut (60 inwoners) al uit voordat je er erg in hebt en draaien is op de anderhalfbaans bergwegen niet makkelijk. Een stukje verder lukt het en we rijden terug. Benieuwd naar het hoe en waarom en hoe vaak en voor hoeveel klanten.

We stoppen bij de bieb-bus die voor de plaatselijke school staat. Een gentleman in pantalon, overhemd en stropdas ontvangt ons. Zijn naambadge onthult: Keith Ridout. We vertellen wie we zijn en dat we wat meer over de rijdende bibliotheek willen weten. Nou, dat kan wel even, want het is rustig, erg rustig. Ook al omdat het schoolvakantie is.
'Er wonen niet zo veel mensen meer. Je ziet het overal op het platteland - grappig om de Australische Alpen platteland genoemd te horen worden - de mensen trekken er weg, vooral de jongeren. Ik herinner me nog dat toen ik hier in 1974 voor het eerst kwam, er meer dan 200 mensen woonden. Toen kreeg ik per keer dat ik hier was soms wel zestig klanten. Nu mag ik mijn handen dichtknijpen als het er 12 zijn'.

Ho even, 1974, dat is 37 jaar geleden. Of Keith al zo lang met de bus rondrijdt, willen we weten. Alsof het niks bijzonders is zegt hij: 'Ik ben begonnen in 1963. Nog twee jaar, dan doe ik het vijftig jaar.'
En dus moet Keith de pensioengerechtigde leeftijd al lang hebben overschreden. Want 50 plus 18 is al 68 en de kans is klein dat de East Gippsland Shire Library een 18-jarige een bibliotheekbus zou toevertrouwen. 'Klopt, ik ben 72 en was 24 toen ik mijn eerste rit maakte. Nadat ik eerst een poosje als 'bijrijder' had meegereden. Dit is mijn vijfde bus. Deze gaat al tien jaar mee. Heeft er nu 350.000 kilometer op zitten. Per jaar rijd ik zo'n 33.000 kilometer. Mijn eerste bus heeft het niet zo lang uitgehouden. Die viel na een paar jaar gewoon uit elkaar. Was veel te licht gebouwd en er lag nog niet zo veel asfalt als nu. Deze bus is luchtgeveerd en heeft ook met een gravel road geen moeite.'


Keith Ridout ©Willem de Niet

Daar sta je dan, bij de bibliotheekbus in een dorpje met 60 inwoners. Voor misschien een handvol klanten. Chauffeur-bibliothecaris Keith Ridout legt Ageeth uit dat het vroeger allemaal anders was.
'Toen woonden er wel 200 mensen.'


In de bus uiteraard boeken, veel boeken. In stellingen en bovenop de stellingen. 'Ja, die blijven liggen. Omdat ik zo'n goede chauffeur ben', lacht Keith. 'Nee, de schappen liggen 12 graden achterover, dat is het geheim.
'Er liggen en staan 5000 boeken, cd's en dvd's in de stellingen. Ook een aantal Chinese dvd's. Keith heeft Chinese klanten twee standplaatsen verderop. 'En Duitse, Italiaanse, ook veel Nederlandse. Die kunnen boeken aanvragen uit de online catalogus. Uit onze centrale bibliotheek in Bairnsdale of uit een van de andere biliotheken in Victoria. Kost allemaal niks extra's. Alleen voor het aanvragen van hele speciale studieboeken uit een universiteitsbibliotheek moet worden betaald.'
Wat het lidmaatschap van de bibliotheek kost, willen we weten. Erg goedkoop lijkt de exploitatie niet. 'Wat het kost? Niks, het zit in de belastingen. Goede regeling vind ik', zegt de chauffeur-bibliothecaris. Het gesprek komt op de familie, kinderen en kleinkinderen. En het Mexicaanse kerstfeest dat ze dit jaar vierden. Er wordt een foto opgeduikeld. Keith met sombrero, felgekleurde omslagdoek, krullende snor. 'We gaan dat ieder jaar doen, een kerstfeest met een landenthema. Volgend jaar Grieks. Volgens mij staat de Griekse klederdracht met die lange witte kousen en dat rokje me wel.'

Kijkend op de weekplanning wordt al snel duidelijk dat het onmogelijk is dat Keith elke avond weer naar huis rijdt. Op sommige dagen eindigt de laatste opening om acht uur 's avonds. En, we hebben het geconstateerd, de meeste van de ooit roemruchte hotels zijn al vele jaren gesloten. 'Ja, ik heb weken dat ik drie nachten van huis ben. Dan slaap ik in een slaapzak op de grond. Nee, niet zo'n lichte slaapzak, een echte swag. Heel comfortabel hoor.'
Mevrouw Ridout, vindt het eigenlijk maar niks dat haar man maar blijft werken. 'Maar ze is zelf ook pas gestopt toen ze 69 was, dus ze mag niet zo hard klagen. Ze werkte bij het grote warenhuis Myers.'
Toch nog even terug naar de route die leidt door plaatsjes als Cabbage Tree Creek, Delegate River, Clifton Creek, Nowa Nowa, Tambo Crossing en Mallacoota. Als we naar de tijden kijken, moet Keith aardig doorrijden met zijn 12,40 meter lange Scania. 'Ja, het is een beetje krap, ik ben dan ook vaak te laat. Daar zijn de mensen al aan gewend. Die staan niet te wachten, no worries. Het betekent ook dat ik soms lange dagen maak. Ik begin om acht uur en op dinsdag en woensdag sluit ik officieel ook weer om acht uur. En als ik dan wat uitgelopen ben, wordt dat ook wat later. Dan eet ik wat en duik mijn slaapzak in.'
Het bezoek duurt inmiddels ruim een half uur, de eerste klant moet nog komen. Keith zit er niet mee. 'Er komen er vast nog wel een paar op de valreep. En anders ben ik er over vier weken weer.'
Als we vertrekken krijg ik een stevige hand en Ageeth een dikke zoen.
Tja, drie dagen van huis.