8. Rowena en Max Watson, Dongara (WA)

Rowena en Max Watson hebben een boerderij even buiten Dongara. Nu ja, even buiten, veertig kilometers zijn het nog altijd. Maar in AustraliŽ, waar boerderijen ook wel eens vierhonderd kilometer van het dichtstbijzijnde winkelcentrum vandaan liggen is veertig kilometer dus 'even buiten'.
Rowena Watson nodigde ons uit voor een bezoek aan hun farm tijdens de lunch ter gelegenheid van de Melbourne Cup, dit jaar op 5 november, omdat dat de eerste dinsdag in november was. En op de eerste dinsdag in november is het hele land een beetje gek vanwege een paardenrace van, wat zal het zijn, vijf minuten? Er wordt nog meer gewed dan anders, in de pub wordt een Melbourne Lunch geserveerd en als om tien over twaalf (West-Australische tijd) de starthekken in Melbourne openklappen voor dť race van de dag werkt er niemand meer. Even wordt er niet afgerekend, niet gemetseld, niet getapt, niet gemaaid, niet over het weer gepraat. En wie niet voor een televisie zit, luistert naar de radio. Dat deed Max Watson, want terwijl Rowena met de dames van de golfclub in de pub Southerly's de race volgde en aansluitend de Melbourne Lunch verorberde, was Max aan het werk. De lupine-oogst is in volle gang en er kan geen uur worden gemist. Want de farm van de Watsons meet 10.500 acres, 4200 hectare en de oogst met het eigen grote materieel duurt al met al een week of twaalf.


 © Willem de Niet
V.l.n.r. Max, Ageeth en Rowena


Maar Rowena kon wel even weg. En zij is het die de twee Hollanders vraagt of die de dames willen joinen for lunch. Die willen dat wel. Ze hebben al een tijdje wat verbaasd om zich heen zitten kijken over zo veel drukte vanwege 23 rennende paarden en over de fraaie hoeden die heel in de verte doen denken aan Ascot, aardbeien met slagroom en very sofisticated ladies en gentlemen.
Oh ja, we waren qua gokken ook nog even in de race. Via een mystery bet, waarbij je een inleg betaalt en dan uit een mandje de naam van een van de deelnemende paarden pakt. Ageeth mocht met haar Daliapour nog een tijdje hopen iets van haar inleg terug te zien of wat te winnen maar halverwege de race verdween het paard uit het (televisie)beeld. Dat van mij kwam in het hele stuk van vijf minuten niet voor.

Tegen het eind van de lunch vroeg Rowena of we zin hadden de volgende dag de farm te bekijken. Waar die was, wilden we weten. En hoe het die veertig kilometer met de gesteldheid van het wegdek was. ,,Ik kom jullie wel halen, in town'', was de reactie van Rowena want ze voelde wel aan dat dik twintig kilometer gravel, stof en modder (vanwege de sproeiwagen die bij een stuk roadwork aan het werk bleek) na het asfalt niks was voor onze olifant.
En dus bliezen we de volgende middag in grote stofwolken (want Rowena hield van heel stevig doorrijden) naar en over de 'property' van de Watsons. Hun land zo ver je kijken kon. Met lupine, voor veevoer, met barley (gerst) voor de brouwerij en wheat (tarwe) voor de bakker.

Zoals gezegd, de Watsons oogsten met eigen materieel. ,,Iedereen wil tegelijk oogsten. En het is geen kwestie van een week maar een kwartaal voordat alles er af is. Soms laten we wel een loonwerker komen om te helpen, maar die hebben het nu ook razend druk, dus je moet maar afwachten of ze op de afgesproken tijd komen. Maar ja, je moet inderdaad fors investeren in materieel. De grootste maaidorsers, de grootste tractoren, de grootste containerwagens. Het maakt het voor startende boeren wel moeilijk.''
De maaidorser waarmee de oudste zoon de lupines onthoofdt en dorst heeft een werkbreedte van achttien meter. De wagen achter de zware tractor waarin de zaden worden gelost gaat niet eerder rijden dan wanneer er 25 ton vracht in zit. Voor een leek blijven er erg veel zaden op het land achter. Max en Rowena maken zich er niet druk om.


 © Willem de Niet
Het groot materieel van de familie Watson


Als het lupineveld een stoppelveld is, mogen de schapen de boel komen stofzuigen. ,,Daar groeien ze heel goed op, zulke schapen worden het'', zegt Max, de armen wijd gespreid. De schapen hebben hun langste tijd wel gehad op de Watson-farm. 'Max en ik gaan het wat rustiger aan doen. De oudste zoon gaat de boerderij runnen. En hij heeft het niet op schapen. Hij is liever boer dan herder, zegt hij. Daarom hebben we er nu ook nog maar een stuk of zeven-, achtduizend.' Ach ja, in het land van miljoenen en miljoenen schapen kijk je niet op duizend meer of minder. Een aantal jaren geleden liepen er nog twintigduizend wolbalen rond. ,,Maar toen viel de bodem onder de prijs uit en hebben we er maar wat weggedaan. En ze zullen wel niet meer terugkomen.'

Wat opvalt als we tussen de velden van de Watsons en die van de buren doorrijden zijn de boomgroepen aan de ene kant van de weg en de her en der groeiende bomen aan de andere kant. ,,We planten groepen bomen als beschutting voor de schapen. En op deze manier kun je het land beter bewerken. De buurman moet om de bomen heen werken. Het is even werk om ze te rooien en de stronken uit te graven maar dan heb je er ook jaren gemak van.'
Even werk dus. Ach ja, over hoeveel bomen hebben we het helemaal, een heel Bulderbos? Van meer dan volwassen exemplaren.

Het gesprek komt op kangoeroes. Van Rowena mogen ze best met de schapen mee-eten, als ze maar geen bedje plattrappen in de graanvelden. Er doorheen hoppen mag. ,,Daar doen ze weinig kwaad mee. Maar als ze met zijn allen een plek plat maken voor de nacht heb je het over hele grote oppervlakten. Dan zijn we niet zo blij. Toch schieten we ze bijna nooit af. Je hebt er toch een band mee. Het zijn net mensen.' Intussen heeft ze net een kleine 2000 euro betaald aan de uitdeuker vanwege een onvoorzichtig overstekende Skippy. En een nieuwe afspraak, nu voor een kleinere opknapbeurt van het andere voorspatbord, moet weer gemaakt worden. 'Want vorige week was het weer raak.' Ja, je houdt van doorrijden, ook in het donker, of niet.

Terwijl in AustraliŽ de grote droogte naast de Bali Bombing het nieuws beheerst, wil Rowena tot Pasen geen regen zien. 'We hebben water genoeg in de rivier en in de dammen. Het graan is nu rijp en als het dan regent terwijl het warm is, gaat het kiemen. Dus nee, geen regen voorlopig. Terwijl ik weet dat boeren vijftig kilometer verderop zitten te springen om water. Die hebben al te lang niets meer gehad. Wij zitten dichter aan de kust en krijgen daardoor meer regen.'

Als we op de terugweg zijn na het bliksembezoek, want het gas blijft er tussen de stops door aardig op, realiseren we ons dat we geen schaap hebben gezien. Ach, hoe hard moet je rijden om in een uur alle 4200 hectare te bekijken.